Voorlezen is me met de paplepel ingegoten, (lees maar hier), en zelf vind ik het ook heel leuk om voor te lezen. Mijn dochter houdt er erg van en komt regelmatig met een boek aan zetten, en kijkt me dan smekend aan.

Dit keer is het een boek over zon, zee en strand. Verhaaltje over een meisje op vakantie, zeemeermin hier, zandkasteel bouwen daar en dan nog iets over een matroos. De schrijver van het boek bedenkt dan dat, nu we het toch over een matroos lezen, en we ons, met hoofdpersoon Noor, afvragen of er ook meisjes matrozen zijn, het leuk is om het kinderliedje Daar was laatst een meisje loos op te nemen. Met alle coupletten erbij. Ik schraap de keel en met mijn beste voorzingstem begin ik te zingen…

Wat een stom liedje is dat zeg!
Meiske gaat varen, moet de zeilen hijsen. Steekt er storm op, flikkeren die zeilen naar beneden. Is het ineens haar schuld, krijgt ze voor straf een pak rammel.
Gaat nergens over.
Dochter helemaal verbolgen, snapt het liedje niet en ook niet waarom dat meisje slaag krijgt.
Ik krijg het ook niet uitgelegd.

 

Meisje loos mag van mij in het rijtje foute (vrouwonvriendelijke) kinderliedjes…

Joepie joepie is gekomen
Heeft m’n meisje meegenomen
Maar ik zal er niet om treuren (!)
Gauw een ander weer gehaald (!!!)
Tralalalala.

Iemand nog andere voorbeelden?

Joris Smit, An Hackselmans, Eline ten Camp, Wanda Eyckerman, Sophie van Winden Foto: Rob Wolvenne

Joris Smit, An Hackselmans, Eline ten Camp, Wanda Eyckerman, Sophie van Winden
Foto: Rob Wolvenne

 

Daar staan ze. Acht elfjarigen in badkleding op een rijtje. Bibberend. Schuchter en verlegen de wereld inkijkend. Wachtend op wat komen gaat.

Zo stonden ze er elf jaar geleden ook bij. Precies zo. Bibberend, ik denk zelfs de badkleding als dezelfde van toen te herkennen. Ik was toen elf jaar jonger. En zij studeerden met deze voorstelling, Priemgeval, af aan de Toneelacademie Maastricht. Ik heb toen de voorstelling gezien en die raakte me diep. Ongelofelijk grappig, herkenbaar, ontroerend, komisch, vertederend, aandoenlijk en ook wel confronterend. Want ooit waren we allemaal elf, met alle ingewikkeldheden van dien, maar de tijd staat niet stil.

En nu, elf jaar later ben ik er weer bij. Elf jaar ouder, elf jaar leven met alles erop en eraan in m’n rugzak. En zij ook. Die jonge studenten van toen, het zijn nu volwassen vrouwen en mannen. Maar nog met evenveel energie en spelplezier. Het spat weer van het podium af. Priemgeval raakt me nu nog dieper, de onschuld en het ongemak van elf jaar zijn. Het plezier van het ongehinderd kind zijn, aan de vooravond van opgroeien en onbevangenheid verliezen. Hilarisch is de voorstelling wederom en de tranen van het lachen lopen me over de wangen. En dan de tranen van ontroering.

De gelaagdheid van de tijd in deze voorstelling is ongelofelijk bijzonder. Priemgeval werd 11 jaar geleden gemaakt, gaat over 11 jarigen. Er is een reünie, ze staan rond een kist. We zijn nu 11 jaar later, spelers en publiek zijn 11 jaar ouder, en ook voor de acteurs is het een reünie. En stonden ze niet lang geleden rond de kist van de vrouw* die 11 jaar geleden deze voorstelling initieerde.

En wanneer ze allemaal, aan het einde van de voorstelling terug keren naar hun elfjarige zelf, is er bij mij geen houden meer aan. De tranen stromen over m’n wangen en het verdriet, dat ik de dag ervoor maar niet kon voelen over de sterfdag van mijn vader, breekt nu in alle hevigheid open.
Wat een heerlijke, fantastische voorstelling en wat kijk ik er naar uit om Priemgeval, met deze geweldige acteurs, over 11 jaar weer te zien!

 

Priemgeval VAN/MET Wanda Eyckerman, An Hackselmans, Fabian Jansen, Jeroen De Man, Joris Smit, Roel Swanenberg, Eline ten Camp en Sophie van Winden/Myrthe Burger
BEGELEIDING Floor Huygen EINDREGIE Arie de Mol

 

*Floor Huygen, in 2005 artistiek leider van Theater Artemis, overleed begin dit jaar.

Dik Trom. Pinkeltje. Bakkertje Deeg. Bijna alles van Astrid Lindgren.
Mijn vader heeft mij ongelofelijk veel voorgelezen toen ik een klein mupke was. Ongetwijfeld is daar de liefde voor boeken, maar ook de liefde voor schrijven begonnen.
Schrijven doe ik ook mijn hele leven al, maar niet structureel en meestal alleen voor mezelf. Op de schrijfsels die ik de afgelopen jaren wel deelde met mensen, kreeg ik positieve reacties. Dat ik daar iets mee moest doen. Diep in m’n hart wilde ik dat ook wel, maar er waren altijd wel kleine stemmetjes in mij die fluisterden “je bent niet goed genoeg” of “wie zit er nou op wat jij schrijft te wachten”.
Ik heb ze tot zwijgen gebracht, omdat er meerdere aanleidingen waren om nu met een blog te beginnen.

Morgen is het 3 jaar geleden dat mijn vader stierf. Dat was, zoals men zegt, een ‘life-changing moment’.
Geen beter moment om mijn blog de wereld in te smijten. Met trillende benen, vluchtgedrag en klamme handen. Hier ben ik met mijn doodgewone dingen. Laat me weten wat je er van vindt.

Voor m’n gevoel kijk ik naar een choreografie bedacht door de dames van het animatieteam hier ter plaatse.

Naar links, naar rechts
Naar voor, voor voor
Naar rechts, naar links
Naar voor, voor, voor

Het is een bloedserieuze aangelegenheid. Lang haar moet goed geborsteld worden.

Zwiep, hoofd naar links, borstel, borstel, borstel.
Zwaai, hoofd naar rechts, borstel, borstel. Overeind, schud, schud.

Als het in slow motion was, had een Andrélon reclame kunnen zijn. Ik gniffel en verbaas me over de gewichtigheid waarmee onze zevenjarige dochter haar halflange blonde haren borstelt: als een volleerd model. Ik heb altijd kort haar gehad, en heb dus geen idee wat lang haar allemaal met zich mee brengt.
“Zit er nu meer volume in?”, vraagt ze me. Ze meent het echt.
“Enorm veel volume”, zeg ik en m’n hart loopt over.

Meeuwen op wacht

 

Miljoenen diamantjes schitteren op het oppervlak door de zonnestralen. Ik loop vastberaden op het water af. Vlak voor de branding sta ik stil. Ik wacht tot het eerste uitgerolde golfje over m’n voeten spoelt. De haartjes op m’n armen schieten acuut in de houding. Toch nog best koud.
Ik loop door, blik vooruit op de golven die van zee aan komen rollen en langzaam groeien tot indrukwekkende hoogte voor ze breken in een prachtige witte kraag. Links en rechts van me wordt druk geoefend met golfsurfen. Jong grut in hippe wetsuits proberen al glijdend op een golf overeind te komen op de plank. Is best moeilijk, zo te zien.
Het water staat nu tot m’n middel en dit is het moment. Het moment van twijfel omdat het toch wel echt heel koud is, en alles in m’n lijf schreeuwt “brrr” en “veel te koud” en “kom, mooi geweest, lekker terug naar de handdoek”.
Ik sta stil, en wacht, bij elke golf komt een rilling, ik hap naar adem en m’n voeten starten al de loop terug naar het strand. Dan roept ze. Dat kleine, witblonde meisje in alleen een zwembroekje. Ze springt en duikt in de golven en zwaait met twee armen naar me. “Kom nou! Het is echt lekker, helemaal niet koud! En de golven zijn zo leuk, kom op!” Ze heeft zo’n aanstekelijke pret in haar golvenspel, dat ik niet kan achterblijven. Ik haal diep adem, houd ‘m in en duik in een golf. De stilte onder water is onvoorstelbaar. Geen joelende kinderen, schreeuwende meeuwen, suizende wind. Adembenemend stil. Ik zwem onder water door. De kou trekt weg en maakt plaats voor hartverwarmende tintelingen. Ik kom happend naar adem boven. En ik ben bij dat witblonde meisje, dat met het allergrootste plezier in een golf duikt en zich mee laat drijven op het schuim.

Ik ben haar.

image

 

Waarom staat deze strijkplank hier? In dit steegje bij mij om de hoek, niet meteen in de buurt van een huis. Dat vraag ik me dan af, als ik zoiets zie. Een strijkplank, nonchalant leunend tegen een boom. Hij rust duidelijk niet uit van een inspannende wandeling.
Heeft de eigenaar alleen nog maar kreukvrije kleren gekocht?
Is de plank vervangen door een jonger, mooier en praktischer model? Of is de strijkplank tijdens de wekelijkse strijkbeurt spontaan ingeklapt en heeft hij zo baasje ernstig verwond, waardoor deze uit pure woede de plank hier heeft gedumpt?
Misschien wil degene die de strijkplank daar zo doelbewust en opzettelijk heeft neergezet, in het vervolg een briefje erop plakken met het waarom. Scheelt mij weer een dag lang me van alles afvragen.

Ik ben geen rouwtherapeut. Wanneer je googled, kom je meer dan genoeg sites tegen, met tips over hoe je met rouwende mensen moet omgaan. Allemaal verantwoorde, soms wetenschappelijk bewezen tips.
Ik heb ook 7 tips voor je, die je kunnen helpen in het omgaan met een vriend in rouw. Deze zijn niet wetenschappelijk bewezen, maar gewoon, uit eigen ervaring:

Praat, Kook, Voel, Help, Lach, Huil en Knuffelen

(Voor de oplettende lezer: jazeker, ik heb me laten inspireren door de klassieker van Ramses Shaffy)

1. Praat
Het is belangrijk dat je contact blijft maken met je vriend*. Ga het niet uit de weg. Praat, begin een gesprek. En dat is natuurlijk moeilijk, want wat moet je zeggen? Vragen hoe het gaat, kun je beter niet doen. Ik vond dat de moeilijkste vraag die me werd gesteld: hoe gaat het? Wat moest ik antwoorden?
Wat ik wel prettig vond, was wanneer mijn gesprekspartner eerlijk aangaf dat hij niet wist wat hij moest zeggen. Er ontstond dan toch vanzelf een gesprek.
Toon eenvoudigweg belangstelling, vraag naar hoe het is gegaan, of het afscheid mooi was. Vraag ook eens na een aantal maanden of een jaar hoe het gaat.

2. Kook
Kook een pan soep, bak een brood, een cake, maak een hartige taart. Wanneer je net een dierbare bent verloren, staat alles stil en zijn er veel alledaagse dingen die er niet zo toe doen. Eten koken wordt een opgave. Ik kreeg na het overlijden van mijn vader een enorme bak soep van een vriendin. Hoefde ik even niet met koken bezig te zijn.
En samen eten, dat is heel troostrijk. Nodig je vriend uit voor een eenvoudige maaltijd.

3. Voel
Voel mee. En volg je gevoel. Wil je een kaart sturen of een brief? Doen. Na het overlijden van onze beide ouders, ontvingen mijn zussen en ik veel kaarten. Ik heb die de eerste tijd nog vaak nagelezen.
Het doet ontzettend goed om te zien en te lezen dat mensen meeleven. Facebookberichten en Whatsappjes zijn ook fijn, maar vluchtiger. Ik vond het heel bijzonder dat iemand de moeite nam een kaart te kopen, een tekstje erop te schrijven en me die te sturen, om mij te laten weten dat hij meeleefde.

4. Help
Er zijn vaak zoveel praktische zaken te regelen na een overlijden. Bied je vriend een helpende hand, met het opzeggen van post, het leeghalen van het huis, het bijhouden van de tuin, het uitlaten van de hond. En ook al slaat je vriend het af, vraag het nog eens. En blijf aanbieden, vragen, bellen, mailen. Ik heb echt ervaren dat fijn is, maar ook nodig is. Sommige vrienden zeiden: “Als er iets is, als we iets kunnen doen, moet je gewoon bellen, hoor.” Ik belde niet. De drempel van hulp vragen was te hoog is.

5. Lach
Daarmee bedoel ik natuurlijk niet dat het een en al vrolijkheid moet worden. Er is veel verdriet wanneer je vriend een dierbare is verloren. Maar er zijn ook mooie, vrolijke herinneringen aan de overledene. Deel die herinneringen, haal de anekdotes op, de grappen, de typische uitdrukkingen. Er mag heus gelachen worden, lachen doet ook in periodes van verdriet goed.

6. Huil
Wat onder 5. staat, geldt ook voor deze tip. Laat je emoties zien. Misschien was de overledene ook een dierbare van jou. Samen huilen en verdriet hebben, dat geeft ook weer troost en kracht.

7. Knuffelen
De belangrijkste tip van allemaal. Pak degene die in rouw is vast, knuffel, raak aan, geef een bemoedigende klop op de schouder: alles wat past bij jouw oprechte gevoel en wat past bij de ander, doe het.

De bovenstaande tips zijn uiteraard geen wetten van Meden en Perzen. Ik heb de wijsheid niet in pacht. Maar hopelijk biedt het je wat handvatten voor wanneer je in een dergelijke situatie komt. Ik was in ieder geval heel erg blij met iedereen om me heen die een of meerdere tips in praktijk bracht. Het heeft me veel steun gegeven.

* Uiteraard wordt met vriend ook een vriendin bedoeld. En graag ook zij lezen als er hij staat.

 

kaarsen Alpe d'HuZes (c) Patricia de Kort

kaarsen Alpe d’HuZes (c) Patricia de Kort