liefde op papier

 

Je loopt al zeker vier dagen rond met het plan. Dit is de manier.
Gisteren bij gym, toen jullie per ongeluk tegen elkaar botsten, had ze je even in je ogen gekeken. Eén seconde lang was de eeuwigheid een feit. De eerste keer dat het contact van beide kanten kwam.
Dat je tijdens Duits haar nekhaartjes telt, bij de lunchpauze vecht om een plekje op armlengte van haar te vinden, dat jouw jas altijd naast die van haar hangt.. Ze had geen idee.
Tot nu.
Want na de gym, toen al je boeken en je appeltje uit je tas vielen omdat je de klep niet goed had dichtgedaan, had ze je appel opgeraapt, afgepoetst en aan je gegeven. Terwijl die stomme mutsen – haar vriendinnen – zich stonden te bescheuren. Ze lachte ook wel mee, dat wel, maar toch was het anders.
Dus straks gaat het gebeuren. Je kans is Geschiedenis. Daar zitten jullie naast elkaar. Tot in de details heb je het uitgedokterd.
Je pakt je proefwerkblaadje en begint te schrijven, op zo’n manier dat ze kan meekijken. Eerst schrijf je de twee keuzes, ja of nee. Dat prikkelt haar nieuwsgierigheid. En dan begin je langzaam de vraag te schrijven, ze heeft vast bij de eerste woorden al door wat je wilt vragen. Ze kijkt je aan en dan pakt ze langzaam je pen uit je hand, terwijl ze je blik niet los laat.
De vraag is nog niet af, maar met ferme streken kruist ze de ‘ja’ aan. En dan gaan jullie met elkaar.

Het liep toch net iets anders.