Koffie met zicht St. Romboutstoren

Mechelen: vorige week schreef ik al dat een weekendje in deze Vlaamse stad me zoveel goed had gedaan. Hoe leuk en geweldig onze kinderen ook zijn; het is een verademing om eens anderhalve dag met z’n tweetjes op pad te gaan. En wat een gemoedelijke, sfeervolle, leuke stad is Mechelen. Nog amper ontdekt door hordes toeristen. We kwamen min of meer per toeval terecht omdat we een hotelvoucher van Trouw hadden en we een keuze moesten maken uit één van de NH hotels die daaraan meededen. Mechelen werd het omdat we daar nog nooit geweest waren. En we keren er zeker nog eens naar terug!

Hieronder onze vijf tips voor een bezoekje aan Mechelen:

 

Tip 1: T’ile Malines

Wat een verborgen juweeltje is dit! T’ile Malines is een verborgen tuin die ligt verscholen achter een oude betoncentrale, omringd door de Dijle. Er staat een oude sluiswachterswoning en er hangt een heerlijke sfeer van lang vervlogen tijden. Deze site (zoals onze Zuiderburen het noemen) is een stadsoase waar van de lente tot de herfst elke tweede weekend van de maand iets anders te beleven is: van foodmarket tot halloween, van straattheater tot bal masqué. Toen wij er waren, was er een foodmarket met gezellige foodtrucks, lekker eten (een waanzinnige paëlla, wraps, divine brownies) en eco-wc’s. Check de website voor precieze info over programma en data: www.tilemalines.be.

Een sfeerimpressie:

Deze diashow vereist JavaScript.

Tip 2: Stadswandeling

Via verschillende sites en ook bij de Tourist information in Mechelen zijn verschillende wandelingen te vinden. Het leuke van een stadswandeling vind ik altijd dat je langs plekjes komt waar je anders misschien niet zo snel terecht komt. Wij hebben een stadswandeling gedaan, die in totaal 2,5 uur duurde, maar we hebben ‘m “opgeknipt” in twee delen en verspreid over twee dagen. Mechelen heeft heel veel prachtige historische gebouwen zoals de St. Romboutstoren, een mooi Begijnhof, brouwerij ’t Anker (waar ook rondleidingen zijn) maar ook het indrukwekkende Kazerne Dossin, een museum en memoriaal over de Holocaust. En je kunt een heel stuk over het Dijlepad lopen, een wandelpad over vlonders op de Dijle waardoor je een unieke blik krijgt op de achterzijde van al die mooie panden. Ook de Kruidtuin (met speeltuin) is zeker een aanrader.

Tip 3: Lekker eten

Bij onze Zuiderburen is het vaak goed eten, ook dat is in Mechelen geen uitzondering. In de buurt van voormalige brouwerij Lamot is de Vismarkt, waar bij mooi weer veel gezellige terrassen zijn. Wij kozen voor Pinxtos. Hier krijg je pinxtos: kleine snacks, die typisch zijn voor Baskenland en die je zelf aan de toog kunt uitkiezen. De twee broers die Pinxtos runnen serveren wel een breder assortiment dan alleen Spaanse hapjes. Omdat er teveel keuze was, namen wij het verrassingsmenu Tafeltje Dekje, en daarvan hadden we absoluut geen spijt. Wij smulden onder meer van een heerlijk mini-spruitstampotje, asperges op bruschetta en pittige, sticky kippenpootjes.

Tip 4: Shoppen

Het leuke van winkelen in Mechelen is de aangename mix van kleine, bijzondere winkeltjes en de wat grotere ketens. De grote winkelstraat Bruul is autoluw en kent veel leuke zaken. Wij vielen meteen voor Flying Tiger, een soort Ikea meets Xenos. Waar voor aangename prijzen allerhande Scandinavisch vormgegeven hebbedingen te koop zijn. Een hele gevaarlijke winkel. Let wel: Mechelen kent maar sporadisch koopzondag, dus als je los wilt gaan, moet je op zaterdag daar zijn. Nog een tip: er zijn een aantal goede park & rides, waar je gratis je auto parkeert en met een shuttlebusje naar het centrum wordt gebracht.

Tip 5: Kinderprikkels

Tijdens onze stadswandeling viel ons al op dat er onderweg vaak originele speeltoestellen waren voor kinderen (die we nu lekker eens niet mee hadden). Thuisgekomen ben ik er eens ingedoken en Mechelen lijkt ook nog eens een kinderstad bij uitstek te zijn. Op verschillende plaatsen zijn dus die speelprikkels te vinden, je kunt een Mechelen pretpakket kopen met daarin verschillende kortingsbonnen voor Mechelse lekkernijen. Er zijn kinderstadswandelingen beschikbaar. Daarnaast zijn er verschillende restaurants die het predicaat “kindvriendelijk restaurant” hebben gekregen. En er is nog veel meer te beleven voor het grut, zoals het Speelgoedmuseum of een rondvaart over de Dijle.

Wij gaan in ieder geval zeker nog vaker naar Mechelen, ook eens met de kids!

 

Altijd wanneer ik het diepe geluid van kerkklokken voel trillen in mijn maag, klinkt hetzelfde liedje in mijn hoofd. Geen herinneringen aan de vroege zondagochtendklokken van de kerk tegenover mijn ouderlijk huis of aan de keren dat de klokken het begin van het laatste afscheid inluidden.
Nee, het is een liedje waarmee ik het geluid als eerste associeer.
Loeënde klokken van Limburg mie landj. Terwijl het mijn land niet is, al woon ik er al bijna dertig jaar.
Want de zee is te ver en de bergen te hoog. De taal lijkt niet op de mijne, maar ik versta het goed. Mijn ‘uus is jouw hoes. En toch voel ik me hier thuis, tussen de vlaaien en het zachte zingen van woorden. Tussen heuvels op en bossen in met meer Bourgondisch hart dan waar dan ook in Nederland. Ik voel me thuis tussen de beleefde conflictvermijders die niet graag recht-toe-recht-aan zeggen waarop het staat. Maar die wel het leven vieren, in hun mooiste kleedje, met een glaasje, bij elke gelegenheid. Of het nu een wielerklassieker, een hapjesfestijn, een broonk of Rieu concert is. Deze zachtaardige mensen, die elke Hollender met argwaan begroeten omdat ze te vaak een grote bek kregen, voor dom of corrupt versleten werden. En toch, zodra blijkt dat er vertrouwen en respect is en geen randstedelijke meerwaardigheidscomplex, sluiten ze je voorgoed in de armen.

Dit land van vastelaovend en mijnverleden, van grummelevlaoj, zoervleisj en familiewandelen op zondag, is niet mijn land, maar ik voel me er thuis.


Mijn blog ben ik onder meer begonnen om dat ik meer wilde schrijven om het schrijven te oefenen. Meters maken dus. Een andere manier om daaraan te werken is het meedoen met schrijfopdrachten, van bijvoorbeeld Schrijvenonline.org. Deze week was de opdracht ‘De klokken van Rome’, welke associaties roepen luidende kerkklokken op. Het bovenstaande was het resultaat van mijn overpeinzing van het thema.

Opgedroogd

Ergens half februari gebeurde het. Ineens droogde mijn inspiratie voor stukjes schrijven op.
Dat gebeurt, zo gaan die dingen. Maar frustrerend is het wel, want ik wil zo graag mezelf houden aan mijn voornemen waarmee ik dit blog startte: elke week een stukkie, elke week een foto. Maar soms brengt het leven van alledag zoveel, dat op miraculeuze wijze alle energie voor extra bezigheden verdwijnt. Of eigenlijk is dat helemaal niet miraculeuze wijze: zorgen om anderen, minder slapen, drukte op het werk, een fijn maar druk gezinsleven maken dat mijn batterijtje soms ineens plat blijkt. Want helemaal opgelet had ik natuurlijk niet, het waarschuwingslicht stond toch al geruime tijd flink te knipperen. En het korte lontje had een teken aan de wand moeten zijn.

Ik (her)ken het patroon waarin ik dan schiet. In de overorganisatie, alles nog beter en meer willen doen en juist datgene waarmee ik mijn accu een beetje kan opladen (lezen, schrijven, foto’s maken) veeg ik zelf als eerste van tafel.

Geen tijd, geen tijd, hoezeer het mij ook spijt.

Konijn

Ik lijk verdacht veel op dat witte stresskonijn uit Alice in Wonderland. Mijn lief blijft rustig en ziet het aan, zegt regelmatig ‘rustig aan’, of ‘geen paniek’ of ‘doe nou eens even relaxed’, en door die spiegel zij me voorhoudt, ga ik helemaal in de turbo versnelling. Relativeringsvermogen verdwijnt als sneeuw voor de zon, waardoor alles nog belangrijker en zorgelijker wordt, en mijn basale houding van ‘wat er morgen zich voordoet, zien we dan wel weer’ verandert in leeuwen en beren op alle wegen zien.
Een weekendje Mechelen (daarover in een andere blog meer) brengt dan zoveel ontspanning dat het inzicht dat alle signalen richting rood gaan ook snel volgt. Want ik was er al eens, in die bodemloze put waarin het heel ongezellig is en ik ook. En waar het laddertje om snel naar boven te klimmen, stiekem is weggehaald, waardoor het lange weg naar boven is. Die put ligt altijd, verdekt onder blaadjes en takjes op de loer, maar gelukkig leer ik steeds beter en eerder de gigantische alarmbellen en -lichten die rondom die put staan te horen en te zien.

Back on track

Daarom ga ik het weer over een nieuwe boeg gooien (been there, done that many times before, maar goed). Bewust tijd en ruimte reserveren voor die zaken waar ik blij van wordt en niet alleen maar anderen ‘pleasen’. Overigens is het fijn om bij Sophie in de mentale kreukels te zien dat ik echt niet de enige ben die worstelt met het in balans zijn en blijven. En om mezelf nog wat beter in het energie-gevende gareel te houden, meet ik mij de volgende mantra’s aan:

1. Ik moet he-le-maal niks
2. Goed genoeg is ook goed
3. Andere moeders/collega’s/vrienden/mensen* doen ook maar wat (*doorhalen wat niet van toepassing is)
4. Morgen is een dag van oplossingen

Aan de slag dus. Rustig blijven en niet alles tegelijk willen. En een ongezellige off-day mag ik ook best hebben.
Dus mocht je me voorbij zien komen, met een geconcentreerde blik en murmelend, dan ben ik mezelf aan het mantra-en: geef me maar een bemoedigend klopje op de schouder, ik kom er wel. Ik ben er nog niet, maar ik kom er wel.

Iemand nog een andere goedwerkende mantra in de aanbieding?